Een Europese overheid heeft nu haar eigen cijfers over Full Self-Driving op papier gezet, in plaats van die van Tesla te herhalen. Op 18 september 2026 presenteerde Vlaams minister van Mobiliteit Annick De Ridder veiligheidscijfers voor FSD (Supervised) aan het Vlaams Parlement, over de periode van 11 juni tot 31 augustus 2026 — de eerste volledige periode sinds Vlaanderen het systeem toeliet. De deelnemende auto's reden 24,6 miljoen kilometer met FSD ingeschakeld.
De kop die de ronde deed, was “bijna tien keer minder ongevallen”. Dat klopt voor de ene helft van de data en niet voor de andere.
Twee soorten wegen, twee heel verschillende uitkomsten
| Wegtype | Met FSD ingeschakeld | Handmatig gereden Tesla's |
|---|---|---|
| Buiten de snelweg | 1 aanrijding op 9,5 miljoen km | 150 aanrijdingen op 146,9 miljoen km |
| Snelwegen | 4 aanrijdingen op 15,1 miljoen km | 32 aanrijdingen op 95,1 miljoen km |
Buiten de snelweg is het contrast scherp: ruwweg één aanrijding per 9,5 miljoen kilometer met FSD, tegenover ongeveer één per miljoen kilometer zonder. Dat is het verschil van 9,6 keer dat de minister aanhaalde.
Op de snelweg krimpt het tot iets heel gewoons. FSD kwam uit op ongeveer één aanrijding per 3,8 miljoen kilometer; menselijke bestuurders op ongeveer één per 3,0 miljoen. Dat is een daling van ruwweg een kwart — reëel, maar geen factor tien, en het is het cijfer dat uit de kop verdwijnt.
Twee andere maatstaven wezen dezelfde kant op als de eerste: ongeveer 93% minder activeringen van de automatische noodrem met FSD actief, en tussen 82% en 90% minder abrupte manoeuvres.
Wat de vijf aanrijdingen waren
Bij vijf aanrijdingen waren auto's uit het programma betrokken. Bij één daarvan stond FSD niet aan. Onderzoekers vonden geen verband tussen het systeem en de andere vier, die allemaal licht waren, bij lage snelheid gebeurden en geen gewonden veroorzaakten.
Lees de cijfers met hun beperkingen erbij
Drie kanttekeningen horen bij deze getallen, en geen daarvan wordt verzwegen — ze volgen uit de manier waarop de data is verzameld.
De aantallen zijn minuscuul. Eén aanrijding buiten de snelweg en vier erop zijn niet genoeg om een frequentie met enige precisie vast te leggen; één extra ongeval in een van beide kolommen zou de verhouding flink verschuiven.
De vergelijking is geen appels met appels. Bestuurders kiezen zelf wanneer ze FSD inschakelen, en ze kiezen doorgaans de omstandigheden die het systeem liggen. De handmatige referentie omvat elk type rit, inclusief de rommelige situaties waarin een bestuurder het stuur nooit uit handen zou geven.
En het systeem staat onder toezicht. Een mens blijft juridisch verantwoordelijk en grijpt in als het misgaat, dus wat gemeten wordt, is een mens en de software samen — niet de software alleen. Een ingreep die een ongeval voorkomt, verschijnt in deze cijfers als FSD dat geen ongeval maakt.
Waarom dit nu komt
Het Technisch Comité Motorvoertuigen van de Europese Commissie stemt op 6 oktober over de uitbreiding van de FSD-goedkeuring, en de bewijsbasis voor die stemming is tot nu toe grotendeels door Tesla aangeleverd — waaronder het eigen veiligheidsdossier onder artikel 39, gepubliceerd op 1 september. Vlaanderen levert een ander soort document: een autoriteit van een lidstaat die haar eigen monitoring rapporteert aan haar eigen parlement, drie weken voor de stemming.
België keurde FSD (Supervised) op 10 juni 2026 goed na ongeveer 5.000 km testen in Vlaanderen en werd daarmee de vijfde EU-lidstaat die dat deed; Slovenië volgde als zesde, en Frankrijk liet in september weten de homologatie te steunen na een weigering in juli. België is het eerste land dat zijn huiswerk laat zien.