Bjørn Nyland heeft de goedkoopste Model Y door zijn testreeks gehaald, en de auto die Tesla in Europa verkoopt als de Model Y met achterwielaandrijving — tot voor kort de versie met het Standard-badge — kwam er beter uit dan zijn plek in het gamma doet vermoeden.

De gemeten cijfers

Test Resultaat
Snelweg, 120 km/h 360 km
Constant 90 km/h 500 km
Leeggewicht incl. bestuurder 1.98 t
Accu, uitgelezen via het BMS ~62 kWh, waarvan 2.8 kWh buffer

De omstandigheden zijn bij elke rangetest bepalend, en deze waren gunstig: een graadje vijftien en zonnig, dus de cellen hadden ruimte om op te warmen en de airco hoefde niet hard te werken, niet om te koelen en niet om te verwarmen. Nylands cijfer bij 90 km/u staat bij hem voor stads- en binnenweggebruik, niet voor de snelweg.

Europese auto's krijgen BYD-cellen

Het detail waarmee Nyland opent, staat op geen enkel specificatieblad. Auto's uit Giga Shanghai hebben ongeveer 64 kWh LFP met cellen van CATL; auto's uit Giga Berlin — en dat is wat Europa en Taiwan geleverd krijgen — gebruiken LFP op basis van BYD-cellen. Hetzelfde product op papier, een andere celleverancier, afhankelijk van welke fabriek jouw auto heeft gebouwd.

De gewichtsvergelijking daaronder laat de eerlijke prijs van die chemie zien. Met 1,98 ton inclusief bestuurder weegt deze Model Y precies zoveel als een Model Y Long Range RWD van voor Juniper, en precies zoveel als een Renault Scénic E-Tech met een 87 kWh-pakket of een Kia EV3 met 81,4 kWh. Diezelfde twee ton levert je 62 kWh LFP op, of ruim 80 kWh aan cellen op nikkelbasis.

De laadcurve is de verrassing

Tesla's auto's bouwen doorgaans vroeg af. Deze niet: hij bleef tot rond 26% laadtoestand dicht bij het piekvermogen, ruim voorbij het punt waar de rest van het gamma begint terug te zakken. Dat heeft een praktisch gevolg dat Nyland heeft gemeten in plaats van geschat — over meer dan 1.000 km zorgden de kortere stops ervoor dat de Standard dezelfde totale tijd neerzette als een Model Y Long Range.

Voor een koper is dat het cijfer dat meer zegt dan de actieradius in de kop. De goedkope auto kost je geen langzamere reis.

Hij kwam ook verder dan de Model 3 Standard

Het verbruik lag onder dat van de Model 3 Standard, dus de Model Y Standard kwam op één lading verder dan de kleinere, lagere sedan. Elektrowoz, dat het uitgebreide verslag van de test publiceerde, noemt dit tegen de intuïtie in — de Model Y is hoger en heeft een aircocompressor die harder werkt achter zijn HEPA-filter — en zegt zelf geen verklaring te hebben. Wij ook niet. Als je geen vierwielaandrijving nodig hebt, maakt dit de Model Y de verstandigere keuze van de twee Standards.

Waar de bezuinigingen zichtbaar zijn, en waar niet

Het audiosysteem is de zichtbare besparing: geen subwoofer, minder speakers. Nyland verwachtte dat het goedkoop zou klinken en rapporteerde het tegendeel — helder, krachtig, met bas die zwaar genoeg is om het camerabeeld zichtbaar te laten trillen.

Wat je met een korrel zout moet nemen

Dit is één auto, één test, bij mild weer. De winter zal een flinke hap uit beide cijfers nemen, en testprocedures zijn niet onderling uitwisselbaar — Edmunds reed een Model Y Standard in Amerikaanse specificatie op zijn eigen gemengde cyclus en noteerde 337 mijl, ongeveer 542 km, wat niet direct vergelijkbaar is met een van de cijfers hierboven. Beschouw het snelwegresultaat van 360 km als het cijfer waar je een Europese rit op plant.